"Zoals ik bij een volgende gelegenheid uiteen zal zetten is er maar één dier dat tegelijk beantwoordt aan alle voorwaarden van vrijheid, gelijkheid, bezit van intelligentie en van een gladde vacht, afwezigheid van hap-impuls, etc. die samen het criterium van aaibaarheid uitmaken, en dat is de apotheose in de evolutie van de aaibaarheid (la loi de la caressabilité croissante), de kat."